Vrouwen schijnen een voorkeur te hebben voor warme kleuren (rood, paars, roze), terwijl mannen koelere blauw- en groentinten prefereren. Dat concluderen een aantal biologen in het vakblad Current Biology. En er is meer! Want dit verschil komt niet door onze Westerse cultuur, waarin meisjes steevast in het roze en jongetjes in het blauw worden gehuld (en – zo heb ik proefondervindelijk met mijn drie maanden oude dochter vastgesteld – een baby in het blauw dus automatisch als jongetje gezien wordt, ook al is het een meisje). Ook in China bleek namelijk dat vrouwen meer hebben met roze dan mannen. En aangezien China een heel andere cultuur is dan de Westerse, moet de oorzaak voor de roze-vs-blauw voorkeuren wel in de prehistorie liggen.
Dit is voor de biologen in kwestie het startsignaal voor een hoop speculatie. In het pleistoceen moesten vrouwen – als verzamelaars – vooral de kleur van rijp fruit goed kunnen herkennen. En rijp fruit is, zoals we allemaal weten, rood van kleur (we laten bananen, sinaasappels, kiwi’s en dergelijke even buiten beschouwing). Mannen daarentegen gingen op jacht en hadden dus niks aan een extra sensor voor roodtinten. In plaats daarvan gaan ze voor de koele tinten. Dat zal dat wel aan al die blauwe antilopes en mammoeten hebben gelegen…
Maar vrouwen deden meer dan verzamelen. Ze zorgden ook voor het prehistorische gezin (dit klaarblijkelijk in tegenstelling tot de oerman, die toen ook alleen maar op zondag thuis kwam om de buffel te snijden?). En vanwege die zorgtaken, was het belangrijk dat ze goed de verschillende tinten in blozende kinderwangetjes konden onderscheiden. Zo kan de zorgende moeder immers des te beter emoties aflezen. Het is fijn om te lezen dat het ook de Trouwredacteur nu een beetje te gortig wordt met het verklaringsvermogen van deze biologen. Hij of zij merkt dan ook op dat je evolutiebiologen in ieder geval een gebrek aan fantasie niet kan verwijten. Ik sluit me daar graag bij aan.
Bron: Current Biology & Trouw, 21 augustus 2007
© Asha ten Broeke. Alle rechten voorbehouden.
Vrouwen studeren sneller dan mannen. Bovendien vallen ze minder vaak uit tijdens de duur van een opleiding. Kortom: ze zijn als student succesvoller dan hun mannelijke collega’s. De grote vraag is natuurlijk hoe dat komt. Sabine Severiens licht een tipje van de sluier op. Uit haar promotieonderzoek blijkt dat vrouwen en mannen andere leerstrategieen hanteren: vrouwen stampen, mannen leggen verbanden. Dat eerste werkt beter op de universiteit.
Ook in de hersenen vinden we een aanwijzing voor het succes van de vrouwelijke student. Een vrouwenbrein kan namelijk zelfstandigheid eerder aan dan een mannenbrein. Ze overzien de consequenties van hun acties beter en zijn serieuzer in het maken van hun keuzes. Voor de arme mannen is er gelukkig nog wel hoop: met een beetje pijn en moeite kunnen we de opleidingen zo aanpassen dat ze juist ook voor mannen snel en efficient te doorlopen zijn.
Hoogleraar aan de RuG, Adriaan Hofman, toont zich daar ook voorstander van. De vraag rijst alleen wel of het na al die tientallen jaren aan feministische inspanning om het hoger onderwijs optimaal te ontsluiten voor vrouwen wel fair is om bij de eerste tekenen van succes het roer om te gooien ten bate van de mannen.
Bron: Trouw, 11 augustus 2007
© Asha ten Broeke. Alle rechten voorbehouden.
“Vrouwen komen ook van Mars”, kopte vakblad Nature gisteren vrolijk. Of althans, dat geldt voor vrouwtjesmuizen. Zij blijken namelijk een heuse muizenvent in zich te herbergen. Na een kleine ingreep bestijgt ze zelfs lustig andere vrouwtjes.
De onderzoekers zijn verrast hoe gemakkelijk het was om de muis wat betreft gedrag van sekse te laten wisselen. Het laat zien dat gender (zeg maar: de sociale aspecten van het zijn van man of vrouw) niet onveranderlijk vastligt in de hersenen. Tot nu toe dachten onderzoekers dat gender door geslachtshormonen al tijdens de allervroegste ontwikkeling – zelfs in de baarmoeder al – werd vastgelegd. Het is niet zo dat hormonen nu helemaal geen rol meer spelen, maar dit onderzoek is wel een aanwijzing dat mannelijk en vrouwelijk gedrag misschien niet zo aangeboren is als men aannam.
Bron: Trouw, 6 augustus 2007
© Asha ten Broeke. Alle rechten voorbehouden.